
Trouw, LD of AD, wat maakt 't uit. Nieuws, dat maak ik zelf.
.

Trouw, LD of AD, wat maakt 't uit. Nieuws, dat maak ik zelf.
Afscheid van de reguliere krantenbezorging.
Je kunt zien dat het binnenkort met de bezorging van de dagbladen is afgelopen.
Vandaag ging de eerste dag in van het niet meer gratis abonnement op ‘t LD. Uitgeverijen hebben dat om fiscale redenen (“Loon in natura”) de deur uit gedaan. Maar afgelopen zaterdag ontving ik ook al niet de (betaalde) Trouw. Daarvoor in de plaats kwam de (niet betaalde) AD en Sportwereld.
Het LD blijft nog maar gewoon doorlopen. Want die heb ik dan maar betaald, om de levensloop van het product nog een beetje te kunnen volgen. Heel erg netjes gezegd. We weten wel beter.
“Ik had er geen meer”, vertelde de bezorger die ik even later op straat tegenkwam. “Van de Trouw heb ik er meestal te weinig. Dat ligt aan de pers. Dan laten ze het AD wat langer doordraaien. Het maakt de mensen toch niet uit.”
Altijd nog beter dan helemaal géén bezorging. Daar zeggen de mensen de krant van op.
Een zeer raadselachtige opmerking van de bezorger. Nou ken ik de ColorM.A.N. die ze bij PCM in Amsterdam hebben toch vrij goed. Die is bijna hetzelfde als de Heerlense GeoM.A.N. Papierbreuken komen in de nacht veel voor. Vooral bij extreem vochtig warm weer. En ook bij plotselinge weeromslag. Dat is ‘t enige dat vertraagt, in de productie.
De bezorger is de zwakste schakel. Tegelijk de belangrijkste man of vrouw, in het hele krantenproductieproces. Binnenkort is hij en zij weg. Voorgoed, en overal. Krantenhervormers hebben er al lang naar uitgekeken. Ze komen van ‘n koude kermis thuis. De wegsnijders van de kranten-romantiek.
.
Het gevoel van papier – de geur van drukinkt
Het gebouw aan de Heerlense Nobelstraat had van binnen ‘n onbestemde geur. Die van drukinkt en allerlei andere chemische productieve hulp-substantiën. Die vergeet je van je leven nooit meer.
Het is ook daarom dat de “Diakenhuismannetjes” in de bibliotheek van Heerlen en Kerkrade zoals in zoveel andere steden nog dagelijks de papieren krant zitten te lezen. Als de computer komt zullen ze dat nooit doen. Ze willen de krant ruiken. En ze willen het papier voelen. Meer willen ze niet.
Men wil de geruststelling van papier dat wappert in je handen, bij het hobbelen in de trein. Dat zal altijd zo zijn. Het produkt gaat nooit verloren.
.
Houvast in schokkende tijden
Papier is het psychologisch evenwicht, het traditioneel zelfreddend houvast van de lezer bij het zien van het schokkend nieuws dat er staat. Daar kan geen koel nuchter koud onvriendelijk onmenselijk starend televisie-oog of computer-beeldscherm tegenop.
In het oude LD-gebouw liep iedere dag een oudere heer een halfuur over de redactieburelen rond. Voorovergebogen, vage glimlach op zijn gezicht grijze regenjas en hobbelige gevlekte hoed. Mijnheer Quinten werd hij genoemd. Zijn opmerking stond iedere dag in een cursiefje op de voorpagina.
Er rende een klein meisje met zwart haar alle afdelingen af, veertien jaar jong. Ze lachte altijd maar zei nooit wat. Als boodschappenmeisje met briefjes werd zij gebruikt. Maar nooit voor ook maar wat anders. De koffie werd aan de redacteuren nog door cantinepersoneel in een serveerwagentje gebracht. Sommigen hadden echter flesjes bier in de bureaula. ’s Avonds ging het personeel naar “De Oude Stomp”.
.
Aan en uitzetten
Aan de Amsterdamse Van der Madeweg zijn ze niet zo happig op snelle orderwisselingen met de gehele, grote machine. Ze laten liever een hele grote order (AD) nog een beetje doordraaien. Draaien dan een kleine snel wat minder (Trouw). Aan en uit zetten van de 64-zijdige, voor ‘n paar minuten en 180.000 exemplaren van de Trouw. Toch is de ColorMAN maar 40% bezet. Daar kunnen ze dus rustig alle tijd nemen in de hele nacht voor al die kleine orders. De Trouw wordt al om 00 uur gedraaid. Kleine orders zijn verliesgevend op de grote M.A.N.’s.
‘n Krantenpers moet je aanzetten, en ‘n half uur later weer uitzetten. Dan moet hij 1.500.000 exemplaren hebben gedraaid. Op 3.000 per minuut. Alleen dan draait hij voordelig. Liefst 24 uur per dag. 360 dagen van een jaar. Vandaar dat er nog maar drie productiebedrijven overblijven. Van de twaalf.
Daarom is de opmerking van de bezorger wel wat vreemd. Maar het zal me verder ‘n zorg zijn. Welke krant ik in de bus krijg. Binnenkort is de bezorging toch afgelopen. De betaalde Internet krant wil ik niet. En aan nieuws heb ik al helemaal geen behoefte.